generalist
zelfstandig naamwoordBetekenis
- iemand die zich bezig houdt met de hoofdlijnen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| generalisten | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘niet-specialist’ voor het eerst aangetroffen in 1984
Woordfamilie van generalist
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| generalisten | meervoud | generalist |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van generalist zijn vastgelegd.