geestverwant
zelfstandig naamwoord, bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- een persoon met wie men een diepe verwantschap ervaart op het gebied van spiritualiteit.
- boezemvriend, soulmate, gelijkgezinde
- gelijkgezind
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| geestverwanten | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘gelijkgezinde, medestander’ voor het eerst aangetroffen in 1864
Woordfamilie van geestverwant
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| geestverwante | woordvorm | geestverwant |
| geestverwanten | meervoud | geestverwant |
| geestverwanter | woordvorm | geestverwant |
| geestverwantere | woordvorm | geestverwant |
| geestverwanters | woordvorm | geestverwant |
| geestverwants | woordvorm | geestverwant |
| geestverwantst | woordvorm | geestverwant |
| geestverwantste | woordvorm | geestverwant |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van geestverwant zijn vastgelegd.