geblesseerd
werkwoord, bijvoeglijk naamwoord ɣəblɛˈsertBetekenis
- (vrij zeldzaam) vormt de lijdende vorm
- gewond, met name door sportbeoefening
Hoe spreek je geblesseerd uit?
/xəblɛˈsert/
Geblesseerd bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de derde.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| x | acht |
| ə | de |
| b | bak |
| l | land |
| ɛ | bed |
| s | sok |
| e | veel |
| r | rood |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
werkwoord — form-of
- vormt de lijdende vorm
Woordvorm
- voltooid deelwoord van blesseren
Vervoeging van geblesseerd
geblesseerdhele werkwoord
Herkomst
*vervoeging van blesseren: de stam met omvoegsel ge- -d
Woordfamilie van geblesseerd
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| geblesseerds | woordvorm | geblesseerd |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van geblesseerd zijn vastgelegd.