gebeente
zelfstandig naamwoordBetekenis
- verzameling beenderen, skelet
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| gebeenten | meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘het beendergestel’ voor het eerst aangetroffen in 1285
Woordfamilie van gebeente
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gebeenten | meervoud | gebeente |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van gebeente zijn vastgelegd.