gaarder
bijvoeglijk naamwoord, zelfstandig naamwoord ˈɣardərBetekenis
- persoon die accijnzen, pachten en/of belasting int.
Hoe spreek je gaarder uit?
/ˈxardər/
Gaarder bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| x | acht |
| a | maan |
| r | rood |
| d | dak |
| ə | de |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Woordvorm
- onverbogen vorm van de vergrotende trap van gaar
zelfstandig naamwoord — masculine
- persoon die accijnzen, pachten en/of belasting int obsolete
Herkomst
bn gaar bn met het achtervoegsel -der
Woordfamilie van gaarder
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gaardertje | woordvorm | gaarder |
| gaardertjes | meervoud | gaarder |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van gaarder zijn vastgelegd.