farm
zelfstandig naamwoord ˈfɑːrᵊmBetekenis
- grootschalig particulier landbouwbedrijf, meestal gebruikt voor boerderijen in het buitenland of boerderijen met ongewone producten.
- boerderij
Hoe spreek je farm uit?
/ˈfɑrəm/
Farm bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| f | fiets |
| ɑ | bad |
| r | rood |
| ə | de |
| m | maan |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| farms | meervoud |
Herkomst
Ongewijzigd overgenomen uit het Engels, in het Nederlands bekend sinds 1847
Woordfamilie van farm
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| farms | meervoud | farm |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van farm zijn vastgelegd.