eigendunkelijk
bijvoeglijk naamwoord, bijwoordBetekenis
- naar eigen goeddunken, zonder overleg
- op een wijze die naar eigen goeddunken, zonder overleg verloopt
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| eigendunkelijke | verbogen, stellende trap |
| eigendunkelijker | onverbogen, vergrotende trap |
| eigendunkelijkere | verbogen, vergrotende trap |
| eigendunkelijkers | partitief, vergrotende trap |
| eigendunkelijks | partitief, stellende trap |
| eigendunkelijkst | onverbogen, overtreffende trap |
| eigendunkelijkste | verbogen, overtreffende trap |
Herkomst
afgeleid van eigendunk met het achtervoegsel -lijk
Woordfamilie van eigendunkelijk
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| eigendunkelijke | verbogen vorm | eigendunkelijk |
| eigendunkelijker | vergrotende trap | eigendunkelijk |
| eigendunkelijkere | verbogen vergrotende trap | eigendunkelijk |
| eigendunkelijkers | partitieve vergrotende trap | eigendunkelijk |
| eigendunkelijks | partitive, positive | eigendunkelijk |
| eigendunkelijkst | uninflected, superlative | eigendunkelijk |
| eigendunkelijkste | inflected, superlative | eigendunkelijk |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van eigendunkelijk zijn vastgelegd.