echtelijk
bijvoeglijk naamwoord 'ɛxtələkBetekenis
- betrekking hebbend op het huwelijk en/of een echtpaar
Hoe spreek je echtelijk uit?
/ˈɛxtələk/
Echtelijk bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɛ | bed |
| x | acht |
| t | tak |
| ə | de |
| l | land |
| k | kat |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| echtelijke | verbogen, stellende trap |
| echtelijker | onverbogen, vergrotende trap |
| echtelijkere | verbogen, vergrotende trap |
| echtelijkers | partitief, vergrotende trap |
| echtelijks | partitief, stellende trap |
| echtelijkst | onverbogen, overtreffende trap |
| echtelijkste | verbogen, overtreffende trap |
Herkomst
afgeleid van echt met het achtervoegsel -lijk met het invoegsel -e-
Woordfamilie van echtelijk
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| echtelijke | verbogen vorm | echtelijk |
| echtelijker | vergrotende trap | echtelijk |
| echtelijkere | verbogen vergrotende trap | echtelijk |
| echtelijkers | partitieve vergrotende trap | echtelijk |
| echtelijks | partitive, positive | echtelijk |
| echtelijkst | uninflected, superlative | echtelijk |
| echtelijkste | inflected, superlative | echtelijk |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van echtelijk zijn vastgelegd.