domheer
zelfstandig naamwoord 'dɔmherBetekenis
- geestelijke die lid is van het kapittel van een domkerk
Hoe spreek je domheer uit?
/ˈdɔmher/
Domheer bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| d | dak |
| ɔ | bot |
| m | maan |
| h | hoed |
| e | veel |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| domheren | meervoud |
Herkomst
samenstelling van dom zn en heer zn
Woordfamilie van domheer
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| domheren | meervoud | domheer |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van domheer zijn vastgelegd.