dogger
zelfstandig naamwoord ˈdɔɣərBetekenis
- het middelste tijdvak van het jura
- een type vissersschip met twee masten, vooral gebruikt in de Nederlandse visserij in zoetwater
Hoe spreek je dogger uit?
/ˈdɔxər/
Dogger bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| d | dak |
| ɔ | bot |
| x | acht |
| ə | de |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| Vóór 2006 was de spelling met een hoodfletter. | |
| doggers | meervoud |
Herkomst
In de geologische betekenis afgeleid van het Noordengelse woord voor klompen met ijzergesteente.
Woordfamilie van dogger
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| doggers | meervoud | dogger |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van dogger zijn vastgelegd.