denkelijk
bijvoeglijk naamwoord 'dɛŋkələkBetekenis
- van iets of iemand dat je het je makkelijk kunt indenken
Hoe spreek je denkelijk uit?
/ˈdɛŋkələk/
Denkelijk bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| d | dak |
| ɛ | bed |
| ŋ | ding |
| k | kat |
| ə | de |
| l | land |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| denkelijke | verbogen, stellende trap |
| denkelijker | onverbogen, vergrotende trap |
| denkelijkere | verbogen, vergrotende trap |
| denkelijkers | partitief, vergrotende trap |
| denkelijks | partitief, stellende trap |
| denkelijkst | onverbogen, overtreffende trap |
| denkelijkste | verbogen, overtreffende trap |
Herkomst
Naamwoord van handeling van denken met het invoegsel -e- met het achtervoegsel -lijk
Woordfamilie van denkelijk
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| denkelijke | verbogen vorm | denkelijk |
| denkelijker | vergrotende trap | denkelijk |
| denkelijkere | verbogen vergrotende trap | denkelijk |
| denkelijkers | partitieve vergrotende trap | denkelijk |
| denkelijks | partitive, positive | denkelijk |
| denkelijkst | uninflected, superlative | denkelijk |
| denkelijkste | inflected, superlative | denkelijk |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van denkelijk zijn vastgelegd.