dektijd
zelfstandig naamwoord ˈdɛktɛitBetekenis
- periode dat vrouwtjesdieren vruchtbaar zijn
Hoe spreek je dektijd uit?
/ˈdɛktɛit/
Dektijd bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| d | dak |
| ɛ | bed |
| k | kat |
| t | tak |
| ɛi | trein |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| dektijden | meervoud |
Herkomst
samenstelling van dek ww en tijd zn
Woordfamilie van dektijd
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| dektijden | meervoud | dektijd |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van dektijd zijn vastgelegd.