catcher
zelfstandig naamwoord 'kɛtʃərBetekenis
- een speler in het honkbal of softbal die, als zijn team verdedigt, achter de thuisplaat gehurkt zit en de aangegooide ballen van de werper ontvangt
Hoe spreek je catcher uit?
/ˈkɛtʃər/
Catcher bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| k | kat |
| ɛ | bed |
| t | tak |
| ʃ | sjaal |
| ə | de |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| catchers | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘vangman bij baseball’ voor het eerst aangetroffen in 1912
Woordfamilie van catcher
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| catchers | meervoud | catcher |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van catcher zijn vastgelegd.