burengerucht
zelfstandig naamwoordBetekenis
- (strafrecht) lawaai dat een hele buurt in opschudding kan brengen, voortkomende uit baldadigheid, zoals een vechtpartij of een woordenwisseling
zelfstandig naamwoord — neuter
- lawaai dat een hele buurt in opschudding kan brengen, voortkomende uit baldadigheid, zoals een vechtpartij of een woordenwisseling
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| burengeruchten | meervoud |
Herkomst
samenstelling van buur en gerucht met het invoegsel -en-
Woordfamilie van burengerucht
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| burengeruchten | meervoud | burengerucht |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van burengerucht zijn vastgelegd.