buitenwater
zelfstandig naamwoordBetekenis
- volgens de Waterwet water van de grote rivieren (Rijn, Maas, IJssel), het IJsselmeer, het Markermeer en de zee
- water dat een polder omgeeft
- het water buiten een schip
- water in de buitenlucht
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| buitenwateren | meervoud |
| buitenwaters | meervoud |
Herkomst
samenstelling van buiten vz en water zn
Woordfamilie van buitenwater
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| buitenwateren | meervoud | buitenwater |
| buitenwaters | meervoud | buitenwater |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van buitenwater zijn vastgelegd.