brugwachter
zelfstandig naamwoord 'brʏxwɑxtərBetekenis
- beambte die een beweegbare brug bedient
Hoe spreek je brugwachter uit?
/ˈbrʏxwɑxtər/
Brugwachter bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| r | rood |
| ʏ | put |
| x | acht |
| w | quiz |
| ɑ | bad |
| t | tak |
| ə | de |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| brugwachters | meervoud |
Herkomst
samenstelling van brug en wachter
Woordfamilie van brugwachter
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| brugwachters | meervoud | brugwachter |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van brugwachter zijn vastgelegd.