breedbeeld-tv
zelfstandig naamwoord ˈbredbelteˌveBetekenis
- een televisie met een beeldverhouding van 16:9 in plaats van het daarvoor normale 4:3 (wat overeenkomt met 12:9)
Hoe spreek je breedbeeld-tv uit?
/ˈbredbelteˌve/
Breedbeeld-tv bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| r | rood |
| e | veel |
| d | dak |
| l | land |
| t | tak |
| v | vis |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| breedbeeld-tv's | meervoud |
Herkomst
samenstelling van breedbeeld en tv
Woordfamilie van breedbeeld-tv
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| breedbeeld-tv's | meervoud | breedbeeld-tv |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van breedbeeld-tv zijn vastgelegd.