brandmeester
zelfstandig naamwoord 'brɑntmestərBetekenis
- opzichter van een of meer brandspuiten bediend door de spuitgasten bij de brandweer
Hoe spreek je brandmeester uit?
/ˈbrɑntmestər/
Brandmeester bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| r | rood |
| ɑ | bad |
| n | nek |
| t | tak |
| m | maan |
| e | veel |
| s | sok |
| ə | de |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| brandmeesters | meervoud |
Herkomst
samenstelling van brand zn en meester zn
Woordfamilie van brandmeester
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| brandmeesters | meervoud | brandmeester |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van brandmeester zijn vastgelegd.