boskat
zelfstandig naamwoord ˈbɔskɑtBetekenis
- een bruin gele raskat
Hoe spreek je boskat uit?
/ˈbɔskɑt/
Boskat bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| ɔ | bot |
| s | sok |
| k | kat |
| ɑ | bad |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — feminine, masculine
- benaming voor sommige wilde katachtigen met geelbruine vacht
- bepaald type langharige raskat
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| boskatten | meervoud |
Herkomst
samenstelling van bos zn en kat zn
Woordfamilie van boskat
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| boskatten | meervoud | boskat |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van boskat zijn vastgelegd.