bonksel
zelfstandig naamwoordBetekenis
- bovenste korst van een veen dat men eerst moet afgraven voordat men kan turfsteken
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| bonksels | meervoud |
Herkomst
naamwoord van handeling van bonken met het achtervoegsel -sel
Woordfamilie van bonksel
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| bonksels | meervoud | bonksel |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van bonksel zijn vastgelegd.