binnenste
zelfstandig naamwoord, bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- inwendige
- het geestelijk leven van een persoon
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| binnensten | meervoud |
| binnenstes | meervoud |
Woordvorm
- verbogen vorm van de stellende trap van binnenst
- verbogen vorm van de overtreffende trap van binnen
Herkomst
afgeleid van binnenst met het achtervoegsel -e
Woordfamilie van binnenste
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| binnensten | meervoud | binnenste |
| binnenstes | meervoud | binnenste |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van binnenste zijn vastgelegd.