beroepsverbod
zelfstandig naamwoord bə'rupsfərbɔtBetekenis
- verbod voor een persoon tot het uitoefenen van een bepaalde functie (met name wegens verdenking van het hebben van denkbeelden die strijdig zijn met de Grondwet)
Hoe spreek je beroepsverbod uit?
/bəˈrupsfərbɔt/
Beroepsverbod bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| ə | de |
| r | rood |
| u | boek |
| p | pak |
| s | sok |
| f | fiets |
| ɔ | bot |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| beroepsverboden | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘verbod een bepaalde overheidsfunctie uit te oefenen’ voor het eerst aangetroffen in 1984
Woordfamilie van beroepsverbod
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| beroepsverboden | meervoud | beroepsverbod |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van beroepsverbod zijn vastgelegd.