bedtijd
zelfstandig naamwoord ˈbɛtɛitBetekenis
- tijd om te gaan slapen
Hoe spreek je bedtijd uit?
/ˈbɛtɛit/
Bedtijd bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| ɛ | bed |
| t | tak |
| ɛi | trein |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| bedtijden | meervoud |
Herkomst
samenstelling van bed en tijd
Woordfamilie van bedtijd
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| bedtijden | meervoud | bedtijd |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van bedtijd zijn vastgelegd.