beatnik
zelfstandig naamwoord ˈbiːtnɪkBetekenis
- lid of aanhanger van de beatgeneratie
Hoe spreek je beatnik uit?
/ˈbitnɪk/
Beatnik bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| i | riet |
| t | tak |
| n | nek |
| ɪ | pit |
| k | kat |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- lid of aanhanger van de beatgeneratie (beatgeneration)
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| beatniks | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘protesterende schrijver’ voor het eerst aangetroffen in 1962
Woordfamilie van beatnik
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| beatniks | meervoud | beatnik |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van beatnik zijn vastgelegd.