basisspeler
zelfstandig naamwoord 'bazɪspelərBetekenis
- een deelnemer aan een teamsport die vanaf het eerste moment van een wedstrijd, aan de wedstrijd deelneemt
Hoe spreek je basisspeler uit?
/ˈbazɪspelər/
Basisspeler bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| a | maan |
| z | zon |
| ɪ | pit |
| s | sok |
| p | pak |
| e | veel |
| l | land |
| ə | de |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| basisspelers | meervoud |
Herkomst
samenstelling van basis en speler
Woordfamilie van basisspeler
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| basisspelers | meervoud | basisspeler |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van basisspeler zijn vastgelegd.