basisplaats
zelfstandig naamwoord 'bazɪsplatsBetekenis
- een lid van een groep sporters waarmee men een wedstrijd begint; lid van de basisformatie
Hoe spreek je basisplaats uit?
/ˈbazɪsplats/
Basisplaats bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| a | maan |
| z | zon |
| ɪ | pit |
| s | sok |
| p | pak |
| l | land |
| t | tak |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| basisplaatsen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van basis zn en plaats zn
Woordfamilie van basisplaats
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| basisplaatsen | meervoud | basisplaats |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van basisplaats zijn vastgelegd.