bandenstapel
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een opeenstapeling van (gebruikte) (auto)banden die men gebruikt als stootkussen
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| bandenstapels | meervoud |
Herkomst
samenstelling van band zn en stapel zn met het invoegsel -en-
Woordfamilie van bandenstapel
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| bandenstapels | meervoud | bandenstapel |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van bandenstapel zijn vastgelegd.