baantjesjager
zelfstandig naamwoord 'bancəsjaɣərBetekenis
- iemand die, ten koste van het algemeen belang, probeert allerlei goed betaalde en weinig vermoeiende baantjes voor zichzelf te bemachtigen, vaak gaat het over politici
Hoe spreek je baantjesjager uit?
/ˈbancəsjaxər/
Baantjesjager bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| a | maan |
| n | nek |
| c | tientje |
| ə | de |
| s | sok |
| j | ja |
| x | acht |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — masculine
- iemand die, ten koste van het algemeen belang, probeert allerlei goed betaalde en weinig vermoeiende baantjes voor zichzelf of zijn familie te bemachtigen, vaak gaat het over politici pejorative
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| baantjesjagers | meervoud |
Herkomst
samenstelling van baantje en jager met het invoegsel -s-
Woordfamilie van baantjesjager
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| baantjesjagers | meervoud | baantjesjager |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van baantjesjager zijn vastgelegd.