articulatie
zelfstandig naamwoordBetekenis
- de wijze waarop overgegaan wordt dan de ene noot op de volgende
- de wijze waarop de fonemen van taal door een spreker gerealiseerd worden
- de wijze waarop beweegbare delen van een lichaam aan elkaar verbonden zijn in een gewricht
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| articulaties | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘spraakklankvorming’ voor het eerst aangetroffen in 1824
Woordfamilie van articulatie
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| articulaties | meervoud | articulatie |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van articulatie zijn vastgelegd.