armlegger
zelfstandig naamwoord 'ɑrmlɛɣərBetekenis
- deel van een bank of stoel waarop men de onderarm kan steunen
Hoe spreek je armlegger uit?
/ˈɑrmlɛxər/
Armlegger bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɑ | bad |
| r | rood |
| m | maan |
| l | land |
| ɛ | bed |
| x | acht |
| ə | de |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| armleggers | meervoud |
Herkomst
samenstelling van arm zn en legger zn
Woordfamilie van armlegger
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| armleggers | meervoud | armlegger |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van armlegger zijn vastgelegd.