agnostisch
bijvoeglijk naamwoord ɑxˈnɔstisBetekenis
- met betrekking of volgens het agnosticisme
Hoe spreek je agnostisch uit?
/ɑxˈnɔstis/
Agnostisch bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| ɑ | bad |
| x | acht |
| n | nek |
| ɔ | bot |
| s | sok |
| t | tak |
| i | riet |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| agnostische | verbogen, stellende trap |
| agnostischer | onverbogen, vergrotende trap |
| agnostischere | verbogen, vergrotende trap |
| agnostischers | partitief, vergrotende trap |
Herkomst
Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘volgens de leer dat wij het transcendente niet kunnen kennen’ voor het eerst aangetroffen in 1926
Woordfamilie van agnostisch
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| agnostische | verbogen vorm | agnostisch |
| agnostischer | vergrotende trap | agnostisch |
| agnostischere | verbogen vergrotende trap | agnostisch |
| agnostischers | partitieve vergrotende trap | agnostisch |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van agnostisch zijn vastgelegd.