afvallige
bijvoeglijk naamwoord, zelfstandig naamwoordBetekenis
- iemand die een bepaald geloof ontrouw wordt
- iemand die de zaak waarvoor hij stond ontrouw is geworden
Woordvorm
- verbogen vorm van de stellende trap van afvallig
Herkomst
Afgeleid van afvallig met het achtervoegsel -e
Woordfamilie van afvallige
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| afvalligen | meervoud | afvallige |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van afvallige zijn vastgelegd.