aanbodcurve
zelfstandig naamwoord ˈambɔtˌkʏrvəBetekenis
- een grafiek die de relatie afbeeldt tussen de prijs van een bepaald goed (verticale-as) en de hoeveelheid ervan, die de producent wenst en in staat is om tegen die gegeven prijs aan te bieden (horizontale-as).
Hoe spreek je aanbodcurve uit?
/ˈambɔtˌkʏrvə/
Aanbodcurve bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| a | maan |
| m | maan |
| b | bak |
| ɔ | bot |
| t | tak |
| k | kat |
| ʏ | put |
| r | rood |
| v | vis |
| ə | de |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
| ˌ | een lichtere nadruk, zwakker dan de hoofdklemtoon |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| aanbodcurven | meervoud |
| aanbodcurves | meervoud |
Herkomst
samenstelling van aanbod en curve
Woordfamilie van aanbodcurve
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| aanbodcurven | meervoud | aanbodcurve |
| aanbodcurves | meervoud | aanbodcurve |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van aanbodcurve zijn vastgelegd.