zoetelijk
bijvoeglijk naamwoord, bijwoordBetekenis
- overdreven zoet van aard, flemend, ergerlijk
- aangenaam zoet
- op aangename, zoete wijze
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zoetelijke | verbogen, stellende trap |
| zoetelijker | onverbogen, vergrotende trap |
| zoetelijkere | verbogen, vergrotende trap |
| zoetelijkers | partitief, vergrotende trap |
| zoetelijks | partitief, stellende trap |
| zoetelijkst | onverbogen, overtreffende trap |
| zoetelijkste | verbogen, overtreffende trap |
Herkomst
afgeleid van zoet met het achtervoegsel -lijk met het invoegsel -e-
Woordfamilie van zoetelijk
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zoetelijke | verbogen vorm | zoetelijk |
| zoetelijker | vergrotende trap | zoetelijk |
| zoetelijkere | verbogen vergrotende trap | zoetelijk |
| zoetelijkers | partitieve vergrotende trap | zoetelijk |
| zoetelijks | partitive, positive | zoetelijk |
| zoetelijkst | uninflected, superlative | zoetelijk |
| zoetelijkste | inflected, superlative | zoetelijk |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zoetelijk zijn vastgelegd.