zegerijk
bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- veel overwinningen behaald hebbend
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zegerijke | verbogen, stellende trap |
| zegerijker | onverbogen, vergrotende trap |
| zegerijkere | verbogen, vergrotende trap |
| zegerijkers | partitief, vergrotende trap |
| zegerijks | partitief, stellende trap |
| zegerijkst | onverbogen, overtreffende trap |
| zegerijkste | verbogen, overtreffende trap |
Herkomst
samenstelling van zege en rijk
Woordfamilie van zegerijk
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zegerijke | verbogen vorm | zegerijk |
| zegerijker | vergrotende trap | zegerijk |
| zegerijkere | verbogen vergrotende trap | zegerijk |
| zegerijkers | partitieve vergrotende trap | zegerijk |
| zegerijks | partitive, positive | zegerijk |
| zegerijkst | uninflected, superlative | zegerijk |
| zegerijkste | inflected, superlative | zegerijk |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zegerijk zijn vastgelegd.