zaakrijk
bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- inhoudelijk rijk zijnde
- tweede betekenisomschrijving.
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| zaakrijke | verbogen, stellende trap |
| zaakrijker | onverbogen, vergrotende trap |
| zaakrijkere | verbogen, vergrotende trap |
| zaakrijkers | partitief, vergrotende trap |
| zaakrijks | partitief, stellende trap |
| zaakrijkst | onverbogen, overtreffende trap |
| zaakrijkste | verbogen, overtreffende trap |
Herkomst
samenstelling van zaak en rijk
Woordfamilie van zaakrijk
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| zaakrijke | verbogen vorm | zaakrijk |
| zaakrijker | vergrotende trap | zaakrijk |
| zaakrijkere | verbogen vergrotende trap | zaakrijk |
| zaakrijkers | partitieve vergrotende trap | zaakrijk |
| zaakrijks | partitive, positive | zaakrijk |
| zaakrijkst | uninflected, superlative | zaakrijk |
| zaakrijkste | inflected, superlative | zaakrijk |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zaakrijk zijn vastgelegd.