woonachtig
bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- wonende
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| woonachtige | verbogen, stellende trap |
| woonachtigs | partitief, stellende trap |
Herkomst
In de betekenis van ‘wonende’ voor het eerst aangetroffen in 1279
Woordfamilie van woonachtig
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| woonachtige | verbogen vorm | woonachtig |
| woonachtigs | partitive, positive | woonachtig |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van woonachtig zijn vastgelegd.