vierhandig
bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- als je ergens vier handen voor nodig hebt, in het bijzonder bij pianospelen en orgelspelen
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| vierhandige | verbogen, stellende trap |
| vierhandigs | partitief, stellende trap |
Herkomst
afleiding van vier en hand met het achtervoegsel -ig
Woordfamilie van vierhandig
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| vierhandige | verbogen vorm | vierhandig |
| vierhandigs | partitive, positive | vierhandig |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van vierhandig zijn vastgelegd.