uitzendbaar
bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- geschikt om te worden uitgezonden op een militaire of andere missie
- geschikt om te worden uitgezonden op radio of televisie
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| uitzendbaarder | onverbogen, vergrotende trap |
| uitzendbaardere | verbogen, vergrotende trap |
| uitzendbaarders | partitief, vergrotende trap |
| uitzendbaars | partitief, stellende trap |
| uitzendbaarst | onverbogen, overtreffende trap |
| uitzendbaarste | verbogen, overtreffende trap |
| uitzendbare | verbogen, stellende trap |
Herkomst
Naamwoord van handeling van uitzenden met het achtervoegsel -baar
Woordfamilie van uitzendbaar
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| uitzendbaarder | vergrotende trap | uitzendbaar |
| uitzendbaardere | verbogen vergrotende trap | uitzendbaar |
| uitzendbaarders | partitieve vergrotende trap | uitzendbaar |
| uitzendbaars | partitive, positive | uitzendbaar |
| uitzendbaarst | uninflected, superlative | uitzendbaar |
| uitzendbaarste | inflected, superlative | uitzendbaar |
| uitzendbare | verbogen vorm | uitzendbaar |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van uitzendbaar zijn vastgelegd.