radheid
zelfstandig naamwoord ˈrɑthɛitBetekenis
- vaardigheid waarmee iets snel en doeltreffend wordt gedaan of gezegd
Hoe spreek je radheid uit?
/ˈrɑthɛit/
Radheid bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| r | rood |
| ɑ | bad |
| t | tak |
| h | hoed |
| ɛi | trein |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Herkomst
afgeleid van rad bn met het achtervoegsel -heid