plichtsgetrouw
bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- iemand die daadwerkelijk doet wat hij verplicht is te doen en wat men ook van die persoon mag verwachten
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| plichtsgetrouwe | verbogen, stellende trap |
| plichtsgetrouwer | onverbogen, vergrotende trap |
| plichtsgetrouwere | verbogen, vergrotende trap |
| plichtsgetrouwers | partitief, vergrotende trap |
| plichtsgetrouws | partitief, stellende trap |
| plichtsgetrouwst | onverbogen, overtreffende trap |
| plichtsgetrouwste | verbogen, overtreffende trap |
Herkomst
samenstelling van plicht en getrouw met het invoegsel -s-
Woordfamilie van plichtsgetrouw
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| plichtsgetrouwe | verbogen vorm | plichtsgetrouw |
| plichtsgetrouwer | vergrotende trap | plichtsgetrouw |
| plichtsgetrouwere | verbogen vergrotende trap | plichtsgetrouw |
| plichtsgetrouwers | partitieve vergrotende trap | plichtsgetrouw |
| plichtsgetrouws | partitive, positive | plichtsgetrouw |
| plichtsgetrouwst | uninflected, superlative | plichtsgetrouw |
| plichtsgetrouwste | inflected, superlative | plichtsgetrouw |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van plichtsgetrouw zijn vastgelegd.