parallactisch
bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- betrekking hebbend op de parallax
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| parallactische | verbogen, stellende trap |
| parallactischer | onverbogen, vergrotende trap |
| parallactischere | verbogen, vergrotende trap |
| parallactischers | partitief, vergrotende trap |
Herkomst
afgeleid van parallax met het achtervoegsel -isch
Woordfamilie van parallactisch
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| parallactische | verbogen vorm | parallactisch |
| parallactischer | vergrotende trap | parallactisch |
| parallactischere | verbogen vergrotende trap | parallactisch |
| parallactischers | partitieve vergrotende trap | parallactisch |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van parallactisch zijn vastgelegd.