onpersoonlijk
bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- niet persoonlijk; niet benaderd wordende als een individu maar als één van een groep
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| onpersoonlijke | verbogen, stellende trap |
| onpersoonlijker | onverbogen, vergrotende trap |
| onpersoonlijkere | verbogen, vergrotende trap |
| onpersoonlijkers | partitief, vergrotende trap |
| onpersoonlijks | partitief, stellende trap |
| onpersoonlijkst | onverbogen, overtreffende trap |
| onpersoonlijkste | verbogen, overtreffende trap |
Herkomst
afgeleid van persoonlijk met het voorvoegsel on-
Woordfamilie van onpersoonlijk
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| onpersoonlijke | verbogen vorm | onpersoonlijk |
| onpersoonlijker | vergrotende trap | onpersoonlijk |
| onpersoonlijkere | verbogen vergrotende trap | onpersoonlijk |
| onpersoonlijkers | partitieve vergrotende trap | onpersoonlijk |
| onpersoonlijks | partitive, positive | onpersoonlijk |
| onpersoonlijkst | uninflected, superlative | onpersoonlijk |
| onpersoonlijkste | inflected, superlative | onpersoonlijk |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van onpersoonlijk zijn vastgelegd.