onbeëdigd
bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- van een persoon dat deze niet door een eed gebonden is
- van een zaak dat deze niet door een eed bekrachtigd is
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| onbeëdigde | verbogen, stellende trap |
| onbeëdigds | partitief, stellende trap |
Herkomst
Naamwoord van handeling van beëdigen met het voorvoegsel on-
Woordfamilie van onbeëdigd
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| onbeëdigde | verbogen vorm | onbeëdigd |
| onbeëdigds | partitive, positive | onbeëdigd |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van onbeëdigd zijn vastgelegd.