onbestraft
bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- van een foute handeling die eigenlijk een straf verdient dat deze straf niet gegeven is
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| onbestrafte | verbogen, stellende trap |
| onbestrafter | onverbogen, vergrotende trap |
| onbestraftere | verbogen, vergrotende trap |
| onbestrafters | partitief, vergrotende trap |
| onbestrafts | partitief, stellende trap |
| onbestraftst | onverbogen, overtreffende trap |
| onbestraftste | verbogen, overtreffende trap |
Herkomst
Naamwoord van handeling van bestraffen met het voorvoegsel on-
Woordfamilie van onbestraft
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| onbestrafte | verbogen vorm | onbestraft |
| onbestrafter | vergrotende trap | onbestraft |
| onbestraftere | verbogen vergrotende trap | onbestraft |
| onbestrafters | partitieve vergrotende trap | onbestraft |
| onbestrafts | partitive, positive | onbestraft |
| onbestraftst | uninflected, superlative | onbestraft |
| onbestraftste | inflected, superlative | onbestraft |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van onbestraft zijn vastgelegd.