ogenblikkelijk
bijvoeglijk naamwoord, bijwoordBetekenis
- onmiddellijk, direct op dit moment
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| ogenblikkelijke | verbogen, stellende trap |
| ogenblikkelijker | onverbogen, vergrotende trap |
| ogenblikkelijkere | verbogen, vergrotende trap |
| ogenblikkelijkers | partitief, vergrotende trap |
| ogenblikkelijks | partitief, stellende trap |
| ogenblikkelijkst | onverbogen, overtreffende trap |
| ogenblikkelijkste | verbogen, overtreffende trap |
Herkomst
Afgeleid van ogenblik met het achtervoegsel -lijk met het invoegsel -e-
Woordfamilie van ogenblikkelijk
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| ogenblikkelijke | verbogen vorm | ogenblikkelijk |
| ogenblikkelijker | vergrotende trap | ogenblikkelijk |
| ogenblikkelijkere | verbogen vergrotende trap | ogenblikkelijk |
| ogenblikkelijkers | partitieve vergrotende trap | ogenblikkelijk |
| ogenblikkelijks | partitive, positive | ogenblikkelijk |
| ogenblikkelijkst | uninflected, superlative | ogenblikkelijk |
| ogenblikkelijkste | inflected, superlative | ogenblikkelijk |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van ogenblikkelijk zijn vastgelegd.