loodrecht
bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- verticaal, in één lijn met het middelpunt van de aarde, in de richting van een schietlood, haaks op de horizon
- in een rechte hoek (90 graden)
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| loodrechte | verbogen, stellende trap |
| loodrechts | partitief, stellende trap |
Herkomst
intensief, samenstelling van lood zn "peillood" en recht bn "zonder bochten" , in de betekenis van ‘zuiver recht’ voor het eerst aangetroffen in 1597
Woordfamilie van loodrecht
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| loodrechte | verbogen vorm | loodrecht |
| loodrechts | partitive, positive | loodrecht |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van loodrecht zijn vastgelegd.