live
bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- rechtstreeks zonder eerst opnames te maken
- live, rechtstreeks
- levend
- levendig
- onder stroom staand
- leven
- verderleven
- wonen
- Lijflands
- boek
Herkomst
Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘niet van bandopnames’ voor het eerst aangetroffen in 1966