laattijdig
bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- iets wat te laat of niet op tijd gebeurt
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| laattijdige | verbogen, stellende trap |
| laattijdiger | onverbogen, vergrotende trap |
| laattijdigere | verbogen, vergrotende trap |
| laattijdigers | partitief, vergrotende trap |
| laattijdigs | partitief, stellende trap |
| laattijdigst | onverbogen, overtreffende trap |
| laattijdigste | verbogen, overtreffende trap |
Herkomst
Samenstellende afleiding van laat en tijd met het achtervoegsel -ig
Woordfamilie van laattijdig
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| laattijdige | verbogen vorm | laattijdig |
| laattijdiger | vergrotende trap | laattijdig |
| laattijdigere | verbogen vergrotende trap | laattijdig |
| laattijdigers | partitieve vergrotende trap | laattijdig |
| laattijdigs | partitive, positive | laattijdig |
| laattijdigst | uninflected, superlative | laattijdig |
| laattijdigste | inflected, superlative | laattijdig |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van laattijdig zijn vastgelegd.