hollanditis
zelfstandig naamwoordBetekenis
- als besmettelijke ziekte van veel Nederlanders aangeduide houding, inhoudend het verzet tegen de plannen voor plaatsing van kruisraketten in West-Europa
Herkomst
Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘verzet tegen plaatsing van kernwapens’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1981